Wie wordt Libelle Ster van het Jaar 2005?
Interview: Clara Sies van de Voedselbank

Door Bas Maliepaard
Fotografie: Kees Rutten

Libelle 31, augustus 2005

Vorige

Maak kennis met bijzondere vrouwen, die allemaal iets met elkaar gemeen hebben: het zijn Sterke vrouwen die Toegewijd hun Energie inzetten voor Resultaat. S.T.E.R.: Libelle Sterren! Ze hebben zich ieder op hun eigen manier ingezet voor onze maatschappij. En daarom zijn ze genomineerd voor de titel Libelle Ster van het Jaar 2005. Kiest u straks mee?

Kandidaat 6: Clara Sies (52)
Burgerlijke staat: getrouwd met Sjaak (63)
Kinderen: zoon (32), vier dochters (31, 22, 20 en 13)
Is genomineerd omdat: ze de Stichting Voedselbank Nederland opzette en dat project nu overal in Nederland navolging krijgt. De Voedselbank geeft mensen die onder het minimum leven voedselpakketten en bestrijdt zo verborgen armoede en de verspilling van voedsel.

Maanden achter elkaar pannenkoeken en pap eten, geen geld hebben voor een stroomaansluiting of een behoorlijke verzekering… Dat zijn toch armoedige omstandigheden die in Nederland niet bestaan? Clara Sies weet wel beter.

“Bijna twintig jaar geleden raakte mijn gezin diep in de problemen. Samen met mijn man Sjaak had ik een bloeiende kledingwinkel in Rotterdam. Maar door plotselinge concurrentie en verloedering van de wijk, zakte de verkoop binnen een jaar in. We konden een faillissement nog net voorkomen, maar we moesten de winkel wel sluiten. We voelden ons zo mislukt! Sjaak was al 46, had geen diploma’s en kon dus niet meer aan werk komen. Ik kon door lichamelijke problemen alleen een parttime baan nemen. Daarmee kreeg ik natuurlijk nooit genoeg geld bij elkaar om een gezin met vier kinderen te onderhouden. We hadden bovendien torenhoge schulden die afgelost moesten worden. De enige oplossing leek aankloppen bij de sociale dienst. Dat bleek alleen niet zo makkelijk. Steeds vonden de instanties redenen om ons niets uit te keren of zoveel te korten op de uitkering, dat we er nauwelijks van konden leven. Ik bleef vechten en na een moeilijke tijd kwamen we er weer bovenop. Maar de herinnering aan de armoede kon ik niet meer uit mijn hoofd zetten.”

Wat was voor jou de reden om je actief in te gaan zetten tegen armoede?
“Toen Sjaak en ik in de problemen zaten, heb ik altijd geroepen dat ik later iets met onze ervaringen wilde doen. Vaak dacht ik: mensen die niet zo assertief zijn als wij, worden algauw een speelbal van de instanties en komen heel moeilijk weer uit zo’n nare situatie. Ik wilde die mensen gaan helpen, ze laten zien dat het zo belangrijk is om net even over de horizon heen te kijken en de hoop te hebben dat het goed kan komen. We hebben zelf ontroerende dingen meegemaakt die ons heel erg gesteund hebben. Op de eerste sinterklaasavond nadat de winkel was opgeheven, stond er opeens een grote juten zak voor de deur met cadeaus en levensmiddelen. Daar werden we zo gelukkig van! Het gaf ons de steun die we nodig hadden om door te gaan. Nog een reden om ons later in te zetten tegen armoede was ons geloof. We waren een beetje vervreemd geraakt van de manier waarop het geloof in de kerk werd beleefd. We wilden in de samenleving iets doen, zonder meteen een zendingspost te openen.”

Hoe is toen het idee van De Voedselbank ontstaan?
“In 1999 hebben we de stichting Minusplus opgericht. Het plan was de minima te helpen met spullen die de beter bedeelden konden missen. We begonnen met meubilair en huisraad, maar dat was erg arbeidsintensief en het was ook niet een eerste levensbehoefte. Een vriend van ons had een kas en kon via tuinders in de buurt wel wat groente en aardappelen regelen. In onze omgeving zag ik mensen die er net zo bijzaten als wij vroeger. Ik benaderde hen en al snel hadden we zo’n dertig gezinnen die we wekelijks een doosje groente en aardappelen konden brengen. Een bakker hoorde van ons initiatief en sprong bij met brood en zelfs taart. Toen bleek dat er in België een vergelijkbaar project was dat op veel grotere schaal opereerde. Sjaak en ik zijn op bezoek gegaan bij die Voedselbanken en vonden het geweldig. We besloten dat we het in Nederland ook zo gingen doen. We hebben een folder en een website gemaakt en zijn bedrijven gaan benaderen. We vroegen om producten die niet meer verkocht konden worden, maar die nog niet over datum waren. Fabrikanten leverden voedsel in een actieverpakking die uit de handel moest of waar een verkeerde barcode op stond. Anders zou het toch alleen maar vernietigd worden. Na een artikel in een plaatselijke krant in november 2002 liep het plotseling storm. Heel veel mensen wilden helpen: we kregen een bestelbus, een reclamebureau ontwierp een logo en we kwamen in contact met een havenbedrijf dat ons een loods aanbood voor een symbolisch bedrag van € 1,- per jaar! En het belangrijkste: de gezinnen bleven zich aanmelden en ook goederen kwamen steeds makkelijker binnen.”

Wie komen in aanmerking voor hulp van de Voedselbank?
“Alleen mensen die per maand voor kleding en voedsel minder te besteden hebben dan € 150,- komen in aanmerking voor hulp van de Voedselbank. Voor elke volgende volwassene in een gezin wordt daar € 50,- bijgeteld, voor kinderen € 25,-. Als je een uitkering hebt en verder geen extra lasten, moet je het daarmee kunnen redden. Ons lukt dat ook nog steeds. Mensen moeten via de huisarts of een andere instantie bij ons aangemeld worden en we geven voedselpakketten voor maximaal drie jaar.”

Hoe komt het eigenlijk dat er zo weinig bekend is over verborgen armoede?
“Het probleem is lange tijd door de politiek ontkend. Armoede hoort bij derdewereldlanden, niet bij Nederland. Maar het is natuurlijk niet zo dat er na de oprichting van de Voedselbank in Rotterdam opeens vierduizend arme mensen zijn bijgekomen. Wat meespeelt, is dat armoede in Nederland relatief moeilijk zichtbaar is. Een arm gezin loopt er niet altijd verwaarloosd bij. Je komt ook mensen tegen die er keurig uitzien, maar niets in de koelkast hebben staan. Trots of schaamte weerhoudt ze ervan om hulp te vragen. Soms gaat dat heel ver. We kregen laatst nog een aanmelding via een huisarts van een gezin met vier kinderen. Twee kinderen waren met uitdrogingsverschijnselen naar het ziekenhuis gebracht! Om iets aan het taboe te doen, moeten we ons realiseren dat het iedereen kan overkomen. Het zijn niet alleen allochtonen of ongeschoolden die het niet redden. Ook mensen die een universitaire studie achter de rug hebben, maken gebruik van de Voedselbank. Ik probeer altijd te laten zien dat wij weten hoe het is om buiten je schuld in de ellende te komen. Vaak geeft dat mensen net dat ene zetje om onze hulp te accepteren. Het geeft zoveel rust als je even van die zorg om eten verlost bent. Dan ben je beter in staat om echt aan de problemen te werken. Inmiddels lijkt ook de politiek bij te draaien. De gemeente Rotterdam is zeer geïnteresseerd in ons project en we kregen zelfs minister De Geus van Sociale Zaken op werkbezoek. Overal in Nederland worden onder onze vlag nu voedselbanken opgericht. We hebben met de Voedselbank iets losgemaakt, en dat is maar goed ook. Armoede is iets dat ook in eigen land gezien moet worden.”

Meer weten over de Voedselbank? Surf naar www.voedselbank.nl!

 

© Bas Maliepaard 2021 | Disclaimer | Ontwerp - pmsmt