De schippers van de Kameleon - Hotze de Roos

'Kamelenjong? Een boot is toch geen kameel?'
Door Bas Maliepaard

Trouw Boeken, 25 februari 2006

Vorige

Chris van Abkoude had de kwajongen een nieuw decor gegeven. Het gemoedelijke dorp van Dik Trom leek definitief verruild voor de grote stad van Pietje Bell en Kruimeltje. Tot Hotze de Roos in 1949 terugging naar het platteland. Het laatste deel van 4 herlezingen van klassieke kwajongensboeken.

De Roos situeerde zijn serie over de tweelingbroers Hielke en Sietse Klinkhamer in het dorp van zijn jeugd. Het eerste deel, 'De schippers van de Kameleon', was niet alleen een kwajongensboek, maar ook een loflied op het boerenland.

,,Het beloofde een mooie dag te worden. De ochtendnevel, die laag over de velden hing, trok snel op. Hielke en Sietse waren al vroeg op. Het kwetteren van de spreeuwen en het gekraai van buurmans haan klonk zó vrolijk, dat de jongens zich haastten, om buiten te komen. 'Ik stel voor om met de boot de polder in te gaan', zei Hielke. 't Is er nu op z'n mooist, met al die vogels en dan gaan we in de oude vaart vissen'."

Een aantal keer benadrukt De Roos met dit soort beschrijvingen in wat voor vrije omgeving Hielke en Sietse opgroeien. Zij hebben in het Friese dorp Lenten, anders dan de stadskinderen, de ruimte om naar hartelust te doen wat ze willen.

Ravotten in de modder, door sloten waden, rommelen in vaders smederij of kattenkwaad uithalen: niemand legt de 'drommelse apen' een strobreed in de weg. De enige die af en toe moppert, is moeder. Zij draait immers voor de was op, als haar twee smeerpoetsen weer eens met een nat pak thuiskomen.

Het contrast tussen de vrolijke, maar kalme plattelanders en de aanstellerige, opgefokte stadsmensen wordt extra aangezet door de rol van buurvrouw Bleker. Ze is in de stad geboren en praat deftig, omdat haar man bij de notaris werkt. Ze krijgt geregeld haar keurige neefje Cor te logeren, die glimmende schoenen, een plusfours en een geruit blauw jasje draagt. Daar steken de Klinkhamertjes in hun groezelige overalls en klompen wel erg bij af!

Maar welk kind kan de verleidingen van het rommelige, modderige buitenleven weerstaan? Nette kleding is maar schijn: tot grote ergernis van zijn tante voelt Cor zich gelukkiger als kwajongen dan als stads modelkind.

Vooral in het eerste gedeelte van 'De schippers van de Kameleon' valt de strakke regie van Hotze de Roos op. Anders dan zijn voorgangers in het kwajongensgenre werkt hij meteen vanaf de eerste bladzijde naar een hoogtepunt toe.

Hielke en Sietse willen dolgraag een eigen boot. Als een oude opduwboot het in de vaart achter de smederij begeeft, koopt vader Klinkhamer het krot van de schipper. Hielke en Sietse knappen het vaartuig op en schilderen de buitenkant met restjes van verschillende kleuren verf. Zo lijkt de boot steeds van kleur te veranderen. De dokter weet dat een kameleon dat ook doet. Hielke en Sietse dopen hun motorboot daarom de 'Kameleon'. Al is niet meteen voor elke dorpeling duidelijk wat daarmee bedoeld wordt. Boerenknecht Gerben leest: ,,Kamelenjong? Wat idioot. Een boot is toch geen kameel?"

Nadat de wens van de Klinkhamertjes in vervulling is gegaan, worden de spanningsbogen in het verhaal korter. Met de boot beleven de 'zoetwatermatrozen' het ene avontuur na het andere. Hielke en Sietse kunnen in hun 'Kameleon' alles en iedereen aan, zelfs een paar dieven die geld van een arme visser stelen. Op dat soort momenten ontpoppen de broers zich tot echte helden.

De jongensdroom van de tweeling, de verwezenlijking ervan en de belevenissen die daarop volgen, spreken enorm tot de verbeelding. Wie zou niet net als Hielke en Sietse een eigen boot willen hebben? Hotze de Roos heeft het verhaal zo tot in detail uitgewerkt - zelfs het losdraaien van enkele moeren wordt beschreven - dat het voor de lezer erg eenvoudig is zich voor te stellen dat hij alles zélf meemaakt. Die mogelijkheid tot verregaande identificatie met de hoofdpersonen is een eenvoudige, maar waarschijnlijk wel de belangrijkste verklaring voor het blijvende succes van de reeks.

Dat De Roos af en toe doorschiet in het verheerlijken van het goede dorpse leven en zijn toon soms echt tuttig en verouderd is, staat blijkbaar geen modern kind in de weg. Zij ontsnappen mét Sietse en Hielke in de Kameleon voor even aan hun veilige kinderleven en worden op het water stoere helden.

Hotze de Roos: De schippers van de Kameleon. Ill. Gerard van Straaten. Kluitman, Alkmaar. ISBN 9020667017; 158 blz. € 5,95. Vanaf 8 jaar. (hertaalde editie)
Herdrukken van de originele tekst zijn alleen antiquarisch te krijgen.

Hotze de Roos (1909-1991)

De schrijver van de Kameleon werd geboren in het Friese Langezwaag. Hij leerde voor timmerman, maar begon kleine stukjes voor de krant te schrijven. Na de Tweede Wereldoorlog schreef hij ‘De schippers van de Kameleon’. Er volgden nog 59 delen over Hielke en Sietse. Er zijn inmiddels twee Kameleonfilms en regisseur Steven de Jong heeft aangekondigd ook deel drie en vier te maken. Voor jonge kinderen is er de serie Kameleon Junior met nieuwe, eenvoudige verhalen van Fred Diks.

Lees ook de andere afleveringen uit de serie Kwajongensboeken van de klassiekerrubriek van Trouw:

De originele tekst van 'De schippers van de Kameleon' is on line te lezen op de website van de Digitale bibliotheek voor de Nederlandse letteren.

 

© Bas Maliepaard 2018 | Disclaimer | Ontwerp - pmsmt