Meisje nummer achttien - Anna Woltz

'Weeskind nummer achttien'
Door Bas Maliepaard

Trouw Boeken, 13 november 2010

Vorige

De groepsfoto op de schutbladen van ’Meisje nummer achttien’, uit het begin van de twintigste eeuw, spreekt boekdelen. Twee rijen kinderen staan er op, onberispelijk gekleed in hagelwitte schorten of zwarte pakken, maar met norse, treurige blikken. Het zijn de bewoners van het Elisabeth Weeshuis in Culemborg en dit boek vertelt het (fictieve) verhaal van een van hen.

Historica Anna Woltz (1981) behoort tot de jonge garde kinderboekenschrijvers, maar haar oeuvre telt toch al elf opmerkelijk gevarieerde en meestal goed geschreven boeken. Zo publiceerde ze de thrillerachtige roman ’Black box’ (15+), de spannende roadnovel ’Tien dagen in een gestolen auto’ (10+) en ongecompliceerde avonturenboeken als ’Red mijn hond!’ (8+). Met het minder geslaagde ’Post uit de oorlog’ flirtte Woltz al met het genre, maar nu levert ze haar eerste echte historische jeugdroman af.

Het verhaal is helder, compact en naar beproefd recept geschreven. Hoofdpersoon Hanna (11) is geen gedwee kind dat zich neerlegt bij haar lot, maar een meisje dat op spectaculaire wijze breekt met de regels van haar tijd. Daar heeft ze alle reden toe. Hanna is na de dood van haar ouders in het weeshuis terechtgekomen, terwijl haar zusje Koosje bij een alcoholistische sigarenmaker in Utrecht is geplaatst. Terwijl ze ingeburgerd raakt in het tamelijk liefdeloze weeshuisleven, zint Hanna op een manier om zich met Koosje te herenigen.

De inburgering beschrijft Woltz aangrijpend als het verlies van de eigen identiteit. „Opeens waren er twintig van haar”, beseft Hanna, als haar haren zijn afgeknipt (tegen een luizenplaag) en ze precies dezelfde, stijve kriebelkleren draagt als de andere weesmeisjes. Hoe inwisselbaar de kinderen zijn, drukt het nummer uit dat Hanna overneemt van een wees die het huis heeft verlaten: „Weeskind nummer achttien was er een tijdje niet geweest. Nu was ze er weer.” Ook het verdriet dat de kinderen delen en Hanna’s verlangen naar Koosje, beschrijft Woltz ontroerend. Hanna probeert het verborgen te houden, al klinkt haar stem soms ’waterig, alsof hij verdund was met tranen’. Woltz zou vaker op deze manier de poëzie in haar doorgaans vlotte taal mogen opzoeken.

De spannende zoektocht naar Koosje, die Hanna (uiteraard) in jongenskleren onderneemt, is een misschien weinig realistisch, maar wel avontuurlijk element dat we al te graag op de koop toe nemen. Het belangrijkste is dat Woltz haar personages met rake observaties tot leven wekt en een mooi beeld schetst van het weeshuisleven.

Anna Woltz: ‘Meisje nummer achttien’.Leopold, Amsterdam. ISBN 9789025857240; 144 blz. € 13,95. Vanaf 9 jaar.

Lees ook de recensies over andere boeken van Anna Woltz:

 

© Bas Maliepaard 2018 | Disclaimer | Ontwerp - pmsmt