Toen mijn vader een struik werd - Joke van Leeuwen

'Ben jij wel nuttig?'
Door Bas Maliepaard

Trouw boeken, 10 april 2010

Vorige

Alweer zes jaar geleden publiceerde Joke van Leeuwen haar laatste leesboek voor kinderen van een jaar of negen. Nu is er eindelijk weer een nieuw avontuur in de traditie van 'Deesje' en het onlangs verfilmde 'Iep!', al is het boek iets treuriger dan we van haar gewend zijn. De verschijning viel nagenoeg samen met de uitreiking van de Gouden Ganzenveer, eergisteren. Van Leeuwen kreeg die cultuurprijs 'vanwege haar grote betekenis voor het geschreven woord in Nederland'.

'Toen mijn vader een struik werd' is een prachtige, onvervalste Van Leeuwen, vol grappige taalvondsten en pentekeningen die het verhaal in belangrijke mate mee vertellen. Zoals veel van haar personages maakt ook het meisje Toda een reis, als vluchteling naar een land zonder oorlog dit keer. En daar komt de maatschappijkritiek van de schrijfster om de hoek, die meestal wel zacht of, zoals nu, vrij hard in haar werk doorklinkt.

De vader van Toda wordt opgeroepen om samen met 'de enen' tegen 'de anderen' te vechten. In het handboek 'Wat Elke Soldaat Moet Weten' leest Toda dat hij zich soms als struik moet verkleden om de vijand te misleiden. Ze vraagt zich af of hij in de stad misschien een brievenbus na moet doen en hoe de soldaten weten op wie ze moeten schieten als 'de anderen' zich ook als struik verkleden.

Hilarische bespiegelingen, maar met een ernstige ondertoon, die Van Leeuwen knap vasthoudt. De ongerustheid sijpelt door Toda's fantasieën heen. Bijvoorbeeld als ze droomt dat haar vader thuiskomt en er takken uit zijn lijf groeien. ,,Alle takken waren kaal. Het was winter in zijn lijf."

Als de oorlog te dichtbij komt, moet Toda naar het buitenland, waar haar moeder woont. Onderweg ontmoet ze onverschilligheid en egoïsme. Zelfs de mensen die haar helpen, blijken eerder geïnteresseerd in wat 'de vluchteling' voor hen kan betekenen dan omgekeerd. Ze komen Toda en haar reisgenoten afgeleefd speelgoed geven, vooral omdat zij zichzelf er beter door voelen. Een stel oude dames bekvecht over wie Toda op schoot mag, een commandant in ruste kan eindelijk weer iemand commanderen en in het opvanghuis net over de grens is de eerste vraag: 'Ben je nuttig?'

Niemand kijkt naar de mens achter de vluchteling, naar wat Toda zelf wil en nodig heeft, en die sombere boodschap stemt tot nadenken. Toda houdt zich vast aan de gedachte dat haar vader en oma weten dat ze bestaat. ,,Misschien zeiden ze elke avond even welterusten tegen de lucht en hielden ze hun armen warm voor als ik terugkwam."

Lees ook de recensies over andere boeken van Joke van Leeuwen:

 

© Bas Maliepaard 2018 | Disclaimer | Ontwerp - pmsmt